Current Size: 100%

Het zorgproces

Het zorgproces

Beleidsmatige ontwikkelingen
Het onderzoek naar het hart van de gezondheidszorg richt zich op de relatie tussen zorgverlener en patiënt. De relatie tussen zorgverlener en patiënt vormt het hart van de gezondheidszorg. Binnen deze relatie komen veel facetten van het zorgproces samen zoals kwaliteit, effectiviteit en veiligheid. Richtlijnen voor velerlei aandoeningen (zowel gericht op medisch handelen als op communicatie) vormen hierbij een belangrijk instrument. Daar zijn de zorgstandaarden bijgekomen voor verschillende groepen chronische patiënten. Deze beschrijven niet alleen de benodigde (multidisciplinaire) zorg voor de betreffende aandoening, maar ook de rol van zelfmanagement en de gewenste uitkomsten in concrete indicatoren. De vraag naar de doorwerking van richtlijnen en zorgstandaarden in het zorgproces is daarbij belangrijk: wat betekent dit voor patiënten, zorgverleners en hun onderlinge relatie. Ook inzake de verbetering van patiëntveiligheid worden steeds meer protocollen ontwikkeld en ingezet. ICT is een ander belangrijk middel om kwaliteit en patiëntveiligheid te bevorderen. De invoering van het Elektronisch Patiënten Dossier staat voor de deur. Met het EPD krijgen zorgverleners tijdens het consult inzicht in alle medische gegevens van de patiënt. Ook aan de kant van de patiënt is kwaliteitswinst mogelijk. Lang niet alle patiënten volgen de therapie die met hun behandelaar is afgesproken. Momenteel zijn er verschillende initiatieven om dit te verbeteren. Betere communicatie tussen zorgverleners en patiënten is hierbij een belangrijk element, maar ook nieuwe technologische ontwikkelingen bieden in toenemende mate mogelijkheden patiënten op maat te ondersteunen. Diverse partijen, waaronder de RVZ, hebben aandacht gevraagd voor de mondigheid van patiënten, maar ook voor de wijze waarop e-health en groepsconsulten een plek kunnen krijgen binnen onze, van oudsher primair op persoonlijk één-op-één contact gerichte gezondheidszorg. Een aparte vermelding verdient preventie, met name de verbinding van preventie en zorg, tussen de openbare en curatieve gezondheidszorg. Het ministerie van VWS wil preventie een meer vanzelfsprekend onderdeel maken van de reguliere zorgverlening, waarbij de eerste lijn een logisch ingangspunt is. Hier komt dan ook steeds meer aandacht voor preventie. Het komt nadrukkelijk aan de orde in de reeds genoemde zorgstandaarden en de invoering van het preventieconsult voor mensen met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten.

Ontwikkelingen in het onderzoek
De vele ontwikkelingen in de praktijk van de zorg maken goede monitoring van de effecten noodzakelijk. Gezien het feit dat zorg steeds meer in zorgketens plaatsvindt, gebeurt koppeling van zorgbestanden steeds vaker. Dit biedt mogelijkheden om het onderzoek naar het handelen in de huisartspraktijk verder te verrijken, zoals het onderzoek naar het naleven van richtlijnen. Zo’n verrijking zal plaats vinden middels het Landelijk Informatie Netwerk Eerstelijnszorg (LINEL). Hierin worden monodisciplinair georiënteerde registratiesystemen geïntegreerd tot een multidisciplinair eerstelijnssysteem, waarin onder andere verrichtingen van verschillende zorgverleners zijn opgenomen. Bovendien is het zorgproces van Lin huisartsen al in kaart gebracht door het op video opnemen van consulten van verschillende zorgverleners. Binnen LINEL zal ook nadrukkelijke aandacht zijn voor de verbinding van preventie en zorg. Daarnaast blijft het belangrijk het zorgproces ook in de dagelijkse praktijk te bestuderen. Met de door Jozien Bensing verworven Spinozapremie is een aantal experimentele projecten mogelijk gemaakt waarin de therapeutische en nonspecifieke componenten van communicatie in de zorg ontrafeld worden. Uitkomsten van deze projecten kunnen het belang van goede communicatie een meer evidence-based karakter geven. Complementair daaraan is de lijn van onderzoek waarin het patiëntperspectief centraal staat. Ook onderzoek naar innovaties in de zorg, zoals naar de meerwaarde van het gezamenlijk medisch consult, naar de effecten van persoonsgerichte informatie via internet , van situationele feedback door middel van pocketcomputers of het inzetten van een personal coach ter stimulering van zelfmanagement, wordt binnen het NIVEL steeds meer uitgevoerd. Binnen het therapietrouwonderzoek worden praktische instrumenten ontwikkeld om het communicatieproces rondom therapietrouw te verbeteren. Daarnaast wordt in onderzoek naar de bevordering van therapietrouw steeds vaker gewerkt met ICT-oplossingen.

De onderzoekslijn op hoofdpunten voor 2011-2014
Ook in toekomstige projecten zullen ICT en internet steeds meer worden ingezet als instrument voor het verzamelen van gegevens (internet focusgroepen, elektronische dagboeken, real-time monitoring systemen) of het verrichten van interventies (e-health: situationele feedback via pocketcomputers, web-based interventies, therapietrouwbevordering). Patiëntveiligheid en goed geneesmiddelengebruik (inclusief therapietrouw) blijven speerpunten evenals onderzoek naar de non-specifieke, placebowerking van het zorgcontact. In de jaren 2011- 2014 zal daarnaast een aantal instrumenten (verder) ontwikkeld worden om het geneesmiddelengebruik te monitoren. Andere speerpunten voor onderzoek zijn preventie (met name de verbinding met, en afspiegeling daarvan in de zorg), de implementatie van het EPD alsmede de implementatie van de zorgstandaarden.