Current Size: 100%

Nieuwsarchief: chronisch ziek algemeen

Chronisch zieken en gehandicapten veranderen niet minder van zorgverzekeraar dan de algemene bevolking. Van beide groepen stapte begin 2006 ongeveer een vijfde over. Er zijn wel verschillen in het zoeken naar een geschikte zorgverzekeraar.
11-12-2006
Bij 39% van de patiënten met suikerziekte en een kwart van de patiënten met hoge bloeddruk wordt jaarlijks de nierfunctie getest. Bij slechts 11% van de diabetes mellitus patiënten onder de 50 jaar werd jaarlijks gekeken naar de hoeveelheid eiwit in de urine (microalbuminurie), wat een belangrijke aanwijzing is voor verborgen nierschade. Volgens de richtlijnen van de beroepsgroep dienen deze onderzoeken jaarlijks te gebeuren.
28-11-2006
Ruim een vijfde (21%) van de mensen met de luchtwegaandoening COPD heeft te weinig lichaamsbeweging. Terwijl dit landelijk acht procent is – beduidend minder – en het ministerie van VWS ernaar streeft dit gemiddelde nog terug te dringen tot zeven procent.
10-11-2006
Mensen met COPD hebben gemiddeld een fors lager inkomen dan de algemene bevolking. Gezien de ziektelast, de lagere arbeidsparticipatie en hun vaak wat hogere leeftijd is de kans bovendien klein dat deze mensen zich nog aan deze ongunstige financiële situatie kunnen ontworstelen.
09-11-2006
Astma, COPD en hooikoorts komen in Nederland vaker voor bij niet-westerse allochtonen. Vergeleken met autochtone Nederlanders lijden vooral Turkse mannen tussen 40 en 65 jaar vaker aan COPD, terwijl astma vaker voorkomt bij Surinamers en Antillianen.
06-11-2006
Een groot deel van de mensen met lichamelijke beperkingen vindt een eigen manier om via werk, school, vrije tijd en sociale contacten te participeren in de samenleving. Toch kan dat nog beter.
Elke dag buiten komen is bijvoorbeeld voor het gros van de lichamelijk gehandicapten vanzelfsprekend. Maar eenmaal buiten de deur, is komen waar je wezen wilt vaak lastig, door de aanwezigheid van drempels, steile hellingen of losse stoeptegels.
31-10-2006
Hoewel patiënten over het algemeen heel positief zijn over de zorg die individuele hulpverleners geven, zijn ze minder te spreken over de organisatie van de zorg. Vooral chronisch zieken lopen tegen afstemmingsproblemen aan.
03-10-2006
Bijna een derde van alle chronisch zieken heeft twee of meer chronische aandoeningen tegelijk (multimorbiditeit). Daarbij komt het geregeld voor dat de behandelrichtlijn voor de ene aandoening strijdig is met die voor de andere. Huisartsen zouden de zorg aan mensen met multimorbiditeit moeten gaan coördineren omdat zij het beste overzicht hebben over de aandoeningen en de betrokken behandelaars. 
03-10-2006

De meeste van de circa 200.000 mensen met dementie in Nederland, wonen thuis. Dat kan mede dankzij de hulp van mantelzorgers: familie en mensen uit de naaste omgeving van de patiënt die vrijwillig extra zorg bieden. Ook voor mensen met dementie die in een zorginstelling wonen is de mantelzorger vaak belangrijk bij de dagelijkse zorg.

Mantelzorg voor dementerenden is een zware taak. Om te voorkomen dat mantelzorgers afknappen, is het belangrijk dat zij ondersteund worden op de manier waar zij het meeste aan hebben.

Om de zorg voor mensen met dementie en hun familieleden beter af te stemmen op de mantelzorgers en op de mensen met dementie zelf, is het belangrijk om te weten welke wensen en problemen er leven en welke hulp en ondersteuning familieleden nodig hebben bij hun zorg voor een naaste met dementie. Er is nu nog  te weinig bekend over de ondersteuning (praktisch of mentaal) waaraan mantelzorgers voor mensen met dementie zlf het meeste behoefte hebben.

Daarom heeft het Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg NIVEL, gesubsidieerd door Alzheimer Nederland, een vragenlijst ontwikkeld die de wensen en problemen van mantelzorgers van dementerenden in kaart brengt. Mantelzorgers kunnen er ook op invullen hoe belangrijk hun wensen en problemen voor hen zijn, en of ze (meer) professionele ondersteuning zouden willen ontvangen.

De vragenlijst kan ingevuld worden door iedereen die mantelzorg biedt aan een persoon met dementie. Vaak is de mantelzorger de partner van de dementerende, maar ook kinderen, andere familieleden, vrienden, kennissen en buren kunnen mantelzorg bieden.

Vrijwilligers van Alzheimer Nederland verspreiden de vragenlijst via bijeenkomsten voor groepen mantelzorgers, zoals informatie-markten, koffie-ochtenden, gespreksgroepen, of ‘Alzheimer caf’s’. Zij lichten daar de vragenlijst toe, begeleiden indien nodig het invullen door de mantelzorgers en beantwoorden eventuele vragen. Alzheimer Nederland analyseert en gebruikt de informatie uit de vragenlijsten om bij zorgaanbieders landelijk en regionaal aan te dringen op noodzakelijke verbeteringen. Dit gebeurt in het kader van het Landelijk Dementie Programma, LDP, waarin Alzheimer Nederland participeert.  

Alzheimer Nederland stelt de vragenlijst onder bepaalde voorwaarden beschikbaar voor onderzoek dat relevant is voor de verbetering van de kwaliteit van leven van mensen met dementie en hun familie en naasten. 

Onderzoeksmethode
De vragenlijst is ontwikkeld met behulp van een klankbordgroep van deskundigen op het gebied van vragenlijstontwikkeling, deskundigen op het gebied van onderzoek naar mensen met dementie en vrijwilligers van Alzheimer Nederland.  De vragenlijst is uitgetest door mantelzorgers van mensen met dementie en daarna aangepast aan de hand van hun bevindingen.

subsidiënt(en)
 

21-09-2006

Chronisch zieken blijken tot nu toe op beperkte schaal problemen te hebben met hun zorgverzekeraar. Zo heeft minder dan 10% problemen om de zorg die zij ontvangen vergoed te krijgen en krijgt 95% van de mensen een machtiging van de verzekeraar als zij die aanvragen. Wel vindt ruim 20% van de chronisch zieken dat ze voor te veel zorg in het basispakket zelf moeten bijbetalen, bijvoorbeeld voor hun medicijnen. Bovendien vindt bijna de helft het basispakket te ‘smal’, met name voor de fysiotherapeut en de tandarts.

19-09-2006