Current Size: 100%

Publicatie Detail

Publicatie Detail

Ursum, J., Rijken, M., Heijmans, M., Cardol, M., Schellevis, F.
NIVEL Overzichtstudies: zorg voor chronisch zieken: organisatie van zorg, zelfmanagement, zelfredzaamheid en participatie.
Utrecht; NIVEL, 2011. 116 p.
De zorgverlening voor chronisch zieken bereidt zich voor op de toekomst. Zorgverleners zullen naast hun vertrouwde rol patiënten meer dan nu moeten gaan coachen bij zelfmanagement. Dat vereist nieuwe vaardigheden. Het NIVEL brengt een overzichtstudie uit van de zorg voor chronisch zieken. De komende jaren zal de vraag naar gezondheidszorg blijven stijgen. Nog ieder jaar neemt het aantal mensen met een chronische ziekte toe en de gemiddelde leeftijd blijft stijgen, waardoor ook het aantal mensen met meerdere chronische ziekten toeneemt. Steeds meer mensen zullen dus een beroep gaan doen op de gezondheidszorg. Voor de samenleving betekent dit hogere zorgkosten en hogere kosten door productiviteitsverlies. Bovendien stijgt de vraag naar gezondheidszorg niet alleen, maar is ook het accent verschoven. Door nieuwe medische mogelijkheden leven mensen langer met ziekten die vroeger fataal waren. De moderne zorg is er niet meer alleen op gericht dat patiënten hun ziekte overleven, maar dat je ook mét een chronische ziekte een kwalitatief goed leven hebt, waarbij je zelf zoveel mogelijk de regie voert. Drie thema’s De overheid staat voor de uitdaging de kwaliteit van zorg voor chronisch zieken te verbeteren en deze óók betaalbaar te houden. Ze zet daarvoor in op een programmatische aanpak: organisatie van de zorg in zorggroepen en samenwerking tussen zorgverleners, het bevorderen van zelfmanagement en maatschappelijke participatie. Chronisch zieken moeten meer zelf kunnen blijven doen en ook gewoon kunnen werken. De NIVEL-studie biedt een actueel overzicht van de zorg voor chronisch zieken. Hoe staat deze er op dit moment voor? Tegen welke dilemma’s loop je aan bij verbetering van de kwaliteit van zorg zonder dat hierdoor de kosten stijgen? De overzichtstudie biedt een kennissynthese op basis van drie thema’s: de organisatie van de zorg, zelfmanagement en participatie. Organisatie van de zorg De programmatische aanpak die de overheid voorstaat gaat uit van samenhang tussen preventie en genezing, goed afgestemde multidisciplinaire zorg, en dat allemaal rond een patiënt met eigen regie en verantwoordelijkheid. Inderdaad worden verschillende vormen van zorg voor mensen met een chronische ziekte geïntegreerd aangeboden. Maar zodra een patiënt meerdere chronische ziekten heeft, wordt dat lastiger. Voor veel chronische ziekten bestaan nog geen zorgstandaarden en de integrale bekostiging dekt nog lang niet alle zorg waarvoor zorgstandaarden bestaan. Vooralsnog is er geen samenhangend zorgaanbod voor alle chronisch zieken in Nederland. Zelfmanagement Zelfmanagement betekent dat mensen goed kunnen omgaan met hun chronische ziekte en de gevolgen daarvan. Er zijn veel initiatieven om zelfmanagement te bevorderen, maar nog niet wijdverbreid. Ondersteuning van zelfmanagement vraagt enerzijds een andere rol van zorgverleners. Zij moeten een meer coachende rol kunnen vervullen. Anderzijds hebben patiënten ondersteuning nodig om zelf de regie te kunnen voeren. Tot nu toe is nauwelijks onderzocht of ondersteuning van zelfmanagement het sociaal functioneren en de participatie verbetert, stellen de NIVEL-onderzoekers. “Er moet dus een visie komen op verantwoordelijkheden en taken van zorgverleners en patiënten, een toegankelijk en effectief ondersteuningsaanbod, afgestemd op de behoeften van diverse groepen patiënten en zorgverleners.” Participatie De overheid staat ook voor dat iedereen zo lang mogelijk zelfstandig kan leven, wonen, werken en kan deelnemen aan het maatschappelijk verkeer. Of de wettelijke instrumenten voor bevordering van zelfredzaamheid en participatie, zoals AWBZ (Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten), Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) en Wia (Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen), aan het doel beantwoorden is vooralsnog onduidelijk. En ook is onduidelijk of gemeenten met de Wmo de doelgroepen bereiken. Vooralsnog moeten mensen met een chronische ziekte bij verschillende loketten aankloppen voor ondersteuning afhankelijk van het gebruiksdoel. Zo kan bijvoorbeeld een rolstoel verstrekt worden door de gemeente via de Wmo, door het UWV of via de AWBZ, al naargelang een patiënt de rolstoel nodig heeft voor thuisgebruik, werk of opleiding, of bij verblijf in een AWBZ-instelling. Punt van zorg is ook het grote beroep dat op informele zorgverleners – mantelzorgers en vrijwilligers – wordt gedaan. Zijn er in de toekomst wel voldoende mantelzorgers en vrijwilligers om aan de toenemende vraag te voldoen, nu het ook steeds belangrijker wordt vrouwen en 55-plussers te behouden voor de arbeidsmarkt?
ISBN 13:9789461221087
Trefwoorden: disease management, chronische patiënten, kosten en financiering, verenigde staten, denemarken, groot-brittannië, internationaal vergelijkend onderzoek, overheidsbeleid, hulpaanbod, zorgcoördinatie, afstemming vraag en aanbod, kwaliteit van de zorg, ketenzorg, ondersteuning, zelfzorg, zelfredzaamheid, sociale integratie, awbz, zvw, wmo.