Current Size: 100%
Gezondheidszorgonderzoek richt zich van ouds vooral op het gebruik van zorg onder invloed van vraag naar en aanbod van zorg binnen de randvoorwaarden van structuur en regelgeving van het systeem. Uiteindelijk dienen het gebruik van zorg, de organisatie van de zorg en de inrichting van het systeem bij te dragen aan gezondheid en kwaliteit van leven, en een toegankelijke, kwalitatief goede en betaalbare gezondheidszorg. Deze thematiek moet ook in het gezondheidszorgonderzoek aan de orde worden gesteld. Het gaat daarbij om een veelheid van mogelijke uitkomstmaten. Het gaat om uitkomstmaten waarin het patiënten of consumentenperspectief centraal staat: participatie en kwaliteit van leven.
Het paradoxale succes van de gezondheidszorg is dat een goede gezondheidszorg steeds meer zieke mensen oplevert. Deels komt dat door een voortschrijdende diagnostiek, maar vooral ook door steeds succesvollere behandelingen die voorheen dodelijke ziekten transformeren naar chronische ziekten. Het wel of niet ziek zijn is daarmee een minder onderscheidende uitkomstmaat geworden. Belangrijker is op welke manier mensen, ondanks de aanwezigheid van ziekte, kunnen vormgeven aan hun eigen leven. Dan gaat het om concepten als kwaliteit van leven of maatschappelijke participatie. Op dit laatste punt is zelfs expliciete wetgeving gericht: de Wmo (Wet maatschappelijke ondersteuning) moet bijdragen aan de maatschappelijke participatie ondanks ziekte of beperking. Met een toenemend oudere bevolking en een steeds succesvollere gezondheidszorg wordt het onderzoek doen naar en ontwikkelen van goede maten voor kwaliteit van leven en maatschappelijke participatie steeds belangrijker.
Daarom wordt binnen die onderzoeksdomein ook onderzoek gedaan naar de bruikbaarheid van verschillende uitkomstmaten. Het gaat daarbij om een instrument als de participatie index, maar ook om instrumenten die betrekking hebben op kwaliteit van leven. Het is belangrijk om een goed inzicht te krijgen in de waarde van deze verschillende instrumenten, hun onderlinge relaties en hun geldigheid als uitkomstmaat van zorg.
Een beleidsmatig belangrijke andere uitkomstmaat is de patiëntveiligheid van de zorg. Niemand gaat naar het ziekenhuis of bezoekt een zorgverlener met het oogmerk er slechter vandaan te komen. Toch overkomt mensen dit. Het gaat erom die schade die vermijdbaar is ook daadwerkelijk te voorkomen. Dit vraagt niet alleen onderzoek naar de manier waarop zorgaanbieders deze schade kunnen voorkomen, maar ook om onderzoek naar de manier waarop het voorkomen van mogelijk vermijdbare gemeten kan worden.
Tenslotte de prestaties van Nederland als geheel: hoe ‘scoort’ Nederland. Dit wordt bij uitstek zichtbaar in internationaal perspectief, waarin inzicht gekregen kan worden in de prestaties van het Nederlandse zorgstelsel gespiegeld aan die van ons omringende landen.