Cijfers oefentherapeuten - Aanmelding

van behandelepisodes gestart in 2019
Hoe komen mensen bij de oefentherapeut terecht? Op eigen initiatief, via de regeling Directe Toegankelijkheid Oefentherapie? Of via een verwijzing van de huisarts? Of een medisch specialist? Stijgen of dalen deze percentages over de jaren? Dit en meer vindt u op deze pagina.

We presenteren de cijfers over aanmelding bij de oefentherapeut in drie onderdelen:

  • Onderdeel 1: Wijze van toegang
  • Onderdeel 2: Soort verwijzer
  • Onderdeel 3: Conclusie screening directe toegang

Samengevat: Kernpunten aanmelding bij oefentherapeut, 2019 en voorgaande jaren

  • Door een toename in het aantal deelnemende praktijken stijgt het aantal nieuwe episodes naar 12.830 in 2019.
  • Wijze van toegang: Bijna 36% gaat op eigen initiatief naar de oefentherapeut.
  • Soort verwijzer: In 2019 is het aantal behandelepisodes waarbij patiënten via de huisarts worden verwezen bijna 78%.
  • Conclusie screening directe toegang: In minder dan 1% van de behandelepisodes waarbij patiënten via Directe Toegang Oefentherapeut (DTO) naar de therapeut gaan was er sprake van een ‘niet pluis’-gevoel bij de screening, waarbij de oefentherapeut adviseert naar de huisarts te gaan.

KiezenOnderdeel 1: Wijze van toegang

Wat valt op, als we de wijze van toegang per kalenderjaar in de tabel hieronder bekijken:

Kernpunten wijze van toegang, 2019 en voorgaande jaren

  • Het aantal mensen dat op eigen initiatief naar de oefentherapeut gaat is met bijna 36% gelijk gebleven ten opzichte van 2018.
  • Bij vrouwen is een stijgende trend te zien van de DTO. In 2017 was dat bijna 35% van de behandelepisodes, in 2019 ruim 41%.
  • Er is geen stijgende trend te zien voor mannen via DTO. Hun aandeel blijft tussen de 24 en 28%.
  • Kinderen t/m 11 jaar komen het vaakst via een verwijzing bij de oefentherapeut, namelijk 83% van de behandelepisodes.
Tabel: Wijze van toegang uitgesplitst naar leeftijd en geslacht (% nieuwe behandelepisodes) 2017-2019
  2017 2018 2019
Percentages algemeen
Verwijzer 68,9 64,3 64,3
DTO 31,1 35,7 35,7
Percentages uitgesplitst naar geslacht
Mannen      
Verwijzing 75,3 72,2 73,7
DTO 24,7 27,8 26,3
Vrouwen      
Verwijzing 65,4 59,1 58,7
DTO 34,6 40,9 41,3
Percentage uitgesplitst naar leeftijdscategorie
0 t/m/ 11 jaar      
Verwijzing 85,6 88,4 83,5
DTO 14,4 11,6 16,5
12 t/m/ 17 jaar      
Verwijzing 66,1 60,1 61,8
DTO 33,9 39,9 38,2
18 t/m/ 39 jaar      
Verwijzing 55,3 52,6 46,7
DTO 44,7 47,4 53,3
40 t/m/ 59 jaar      
Verwijzing 67,8 55,4 60,9
DTO 32,2 44,6 39,1
60 jaar en ouder      
Verwijzing 73,7 60,9 67,7
DTO 26,3 39,1 32,3
Totaal aantal nieuwe  behandelepisodes 6.645 9.814 12.406
 

Cijfers over de zorgverlening in de eerste lijnOnderdeel 2: Soort verwijzer

Wat valt op, als we in de tabel hieronder bekijken welke verwijzers patiënten doorverwijzen:

Kernpunten soort verwijzer, 2019 en voorgaande jaren

  • In 2019 kwam de patiënt bij bijna 78% van de behandelepisodes met een verwijzing van de huisarts.
  • 21% kwam via een verwijzing van de medisch specialist.
Tabel: Soort verwijzer van patiënten die op verwijzing bij de oefentherapeut zijn gekomen (% nieuwe behandelepisodes), 2017-2019
  2017 2018 2019
Huisarts 70,3 79,3 77,6
Medisch specialist 26,4 17,5 20,8
Onbekend 3,3 3,2 1,6
Totaal aantal nieuwe behandelepisodes 4.193 5.091 7.334

Onderdeel 3: Screening door de oefentherapeut bij aanmeldingOnderdeel 3: Screening door de oefentherapeut bij aanmelding

Patiënten die op eigen initiatief bij de oefentherapeut komen, ondergaan een screening. Door gerichte vragen te stellen stelt de oefentherapeut binnen een beperkte tijd, circa 10 minuten, vast of de patiënt met zijn of haar klachten aan het juiste adres is:

  • Conclusie 'niet pluis': wanneer de oefentherapeut de klacht / hulpvraag niet indiceert voor oefentherapie (dus bij een conclusie ‘niet pluis'), adviseert deze contact op te nemen met de (huis)arts.
  • Conclusie 'pluis': Wanneer de oefentherapeut de klacht indiceert voor oefentherapie (conclusie ‘pluis’), informeert hij de patiënt over de mogelijkheid - om zonder tussenkomst van een arts - door te gaan met het diagnostisch oefentherapeutisch proces.

Wat valt op, als we de screening door de oefentherapeut bij aanmelding van de patiënt bekijken:

Kernpunten screening door de oefentherapeut, 2019 en voorgaande jaren

  • Van de behandelepisodes waarbij patiënten via DTO naar de therapeut gaan, is minder dan 1% van de gevallen een ‘niet-pluis’-gevoel bij de screening en worden patiënten.
  • Bijna alle patiënten gaan met de juiste klachten op eigen initiatief naar de oefentherapeut.

Gebruikte methode weekcijfers aandoeningen: Surveillance en PeilstationsBron en verantwoording cijfers oefentherapeuten

Alle cijfers die we in dit onderdeel ‘Cijfers oefentherapeuten’ presenteren, komen voort uit het analyseren van de gegevens die Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn verzamelt bij aangesloten oefentherapiepraktijken. De gegevens die zij opnemen in hun elektronische patiëntendossiers vormen de basis. In deze dossiers staan gegevens over gezondheidsproblemen, contacten, behandelingen en uitslagen van diagnostische tests.
De cijfers over 2019 zijn verzameld op basis van gegevens van 16.650 patiënten die reguliere oefentherapeutische zorg hebben ontvangen van 205 oefentherapeuten werkzaam in eerstelijns oefentherapiepraktijken.
Bij Methode vaststellen cijfers zorgverlening oefentherapeuten vindt u informatie over onze werkwijze bij het vaststellen van de cijfers..

Meijer W. Cijfers oefentherapeuten - Aanmelding. Uit: www.nivel.nl [Laatst gewijzigd op 21-05-2021; geraadpleegd op 22-09-2021]. URL: https://www.nivel.nl/nl/nivel-zorgregistraties-eerste-lijn/aanmelding-0