Methode vaststellen cijfers zorgverlening huisartsenposten

We bieden inzicht in hoe we de cijfers verzamelen en analyseren op basis van zorggegevens die huisartsenposten aangesloten bij Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn ons aanleveren.

Huisartsenzorg buiten kantooruren valt in Nederland onder de verantwoordelijkheid van 52 huisartsendienstenstructuren (HDS’en). De fysieke locatie waar deze zorg wordt verleend is de huisartsenpost (HAP), waarvan er in Nederland 118 zijn. Een HDS kan één of meer HAPs omvatten.

WereldbolOmvang gegevensverzameling huisartsenposten
In 2019 namen 27 HDS'en deel aan Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn. Op het kaartje zijn de verzorgingsgebieden te zien van deze HDS'en. In de gezamenlijke verzorgingsgebieden van deze 27 HDS'en woonden bijna 12 miljoen mensen. Daarvan maakten bijna 2 miljoen gebruik van de huisartsenpost in 2019. 

Vinkje GoedRepresentativiteit van de cijfers
De cijfers over 2019 zijn gebaseerd op routinematig elektronisch geregistreerde gegevens van 27 huisartsendienstenstructuren, met een gezamenlijk verzorgingsgebied van bijna 12 miljoen inwoners. Qua leeftijd en geslacht vormt de populatie in het verzorgingsgebied van de deelnemende huisartsendienstenstructuren een goede afspiegeling van de Nederlandse bevolking. Wel is er een lichte oververtegenwoordiging van personen in zeer sterk stedelijke gebieden (zie tabel). Gegevens over Nederland zijn afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek uit 2019.

Tabel: Kenmerken van inwoners van de verzorgingsgebieden en van gebruikers van de huisartsenpost in 2019
The population of the catchment areas of 29 participating primary care cooperatives compared with the Dutch population with regard to age, gender and level of urbanization, 2019
 
  Nederland (2019) Inwoners van de verzorgings gebieden

Totaal aantal personen

17.282.163 11.932.112

 geslacht

   

 % mannen

49,7 49,6

 % vrouwen

50,3 50,4

 leeftijd

   

% personen 0 t/m 4 jaar

5,0 5,2

% personen 5 t/m 17 jaar

14,4 14,7

% personen 18 t/m 44 jaar

33,3 34,2

% personen 45 t/m 64 jaar

28,0 27,9

% personen 65 t/m 74 jaar

11,0 10,4

% personen 75 t/m 84 jaar

6,0 5,6

% personen 85 jaar en ouder

2,3 2,1

stedelijkheid

   

% personen in zeer sterk stedelijke gebieden

23,5 25,9

% personen in sterk stedelijke gebieden

25,2 25,6

% personen in matig stedelijke gebieden

17,1 16,9

% personen in weinig stedelijke gebieden

17,2 17,7

% personen in niet stedelijke gebieden

17,0 13,9
     

TurfstreepjesWijze van verzamelen van gegevens

Het verzamelen van gegevens van huisartsenposten verloopt als volgt:
  1. Periodiek wordt handmatig of automatisch een extractie van deze gegevens gemaakt. Alleen gegevens over patiënten die geen bezwaar hebben gemaakt tegen gebruik van hun gegevens worden hierbij meegenomen.
  2. Met software van een Trusted Third Party (TTP) worden patiënt-identificerende gegevens naar een zogenaamd pseudoniem geconverteerd. Dit wordt gedaan om de privacy van patiënten te kunnen waarborgen in het kader van de Wet Bescherming Persoonsgegevens.
  3. Het gepseudonimiseerde extractiebestand wordt naar het Nivel verzonden.

Privacybescherming
We besteden bij Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn veel zorg aan de bescherming van de privacy van patiënten en deelnemende zorgverleners. In ons privacyreglement staat precies omschreven welke gegevens we gebruiken en hoe we daarmee omgaan. We houden ons aan de Code Goed Gedrag, opgesteld door de Federa, oftewel de Federatie Medisch Wetenschappelijke Verenigingen (FMWV).


PatienteninformatieInhoud gegevensverzameling
De gegevens die vanaf 2012 voor Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn worden verzameld zijn gegevens die op iedere huisartsenpost worden vastgelegd voor de reguliere administratie en zorgverlening. We verzamelen gegevens over:

  • Omvang verzorgingsgebied: het zorggebruik wordt berekend per 1000 inwoners. Het zorggebruik is dan de teller, het aantal inwoners de noemer. Deze noemers zijn gebaseerd op het aantal inwoners in het verzorgingsgebied van de verschillende huisartsendienstenstructuren. Huisartsendienstenstructuren hebben aangegeven welke postcodegebieden tot hun verzorgingsgebied behoren. Voor de bepaling van het aantal inwoners in de verzorgingsgebieden en de leeftijds- en geslachtsverdeling van de inwoners zijn gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek gebruikt, die gaan over het betreffende rapportagejaar (dus gegevens uit 2019 voor het rapportagejaar 2019). Sommige postcodegebieden vallen in het verzorgingsgebied van meer dan één HDS. In die gevallen is een correctiefactor op het aantal inwoners toegepast om dubbeltellingen te voorkomen.
     
  • Stedelijkheidsgraad: de mate van stedelijkheid van de postcodegebieden is bepaald op basis van gegevens van het Centraal Bureau voor de Statistiek uit het jaar 2019. De stedelijkheid is bepaald op basis van de adressendichtheid in een postcodegebied.
     
  • Omvang zorggebruik en urgentie contacten: we tellen alle contacten die door de huisartsendienstenstructuren gedeclareerd zijn. Hierin zijn ook de contacten meegenomen die plaatsvonden op doordeweekse dagen tussen 17:00 en 18:00 uur.
     
  • Geneesmiddelvoorschriften: Geneesmiddelvoorschriften die geregistreerd zijn bij gedeclareerde contacten worden weergegeven. Dit zijn geen voorschriften die uitgeschreven zijn door specialisten, maar wel herhalingen daarvan als deze zijn gegenereerd op de huisartsenpost. Alleen geneesmiddelvoorschriften die geregistreerd zijn in de receptmodule van het elektronisch dossier zijn weergegeven. Als een patiënt op dezelfde dag meerdere dezelfde geneesmiddelen krijgt voorgeschreven, zijn deze meegeteld als één geneesmiddelvoorschrift.  Geneesmiddelvoorschriften worden geregistreerd met het Anatomisch Therapeutisch Chemische Classificatiesysteem (ATC). Daarmee wordt de werkzame stof in geneesmiddelen aangeduid.
     
  • Gezondheidsproblemen: Symptomen en aandoeningen van personen die gebruik maken van de huisartsenpost zijn geregistreerd met behulp van de International Classification of Primary Care (ICPC) (Lamberts & Wood, 1987). Alleen ICPC-codes in de range 01 tot en met 29 (symptomen) en in de range 70 tot en met 99 (aandoeningen) worden beschouwd als betekenisvolle ICPC-codes. Daarnaast beschouwen wij ook A44 (inenting), R44 (influenzavaccinatie) en X37 (cervix-uitstrijkje) als betekenisvolle ICPC-codes. ICPC-codes A97 (geen ziekte) en A99 (andere gegeneraliseerde / niet-gespecificeerde ziekte) kunnen betekenisvolle ICPC-codes zijn. De neiging bestaat echter om deze codes te gebruiken als een zorgverlener niet direct weet wat er met een patiënt aan de hand is. Wij zien deze codes daarom niet als betekenisvolle ICPC-codes. Dit geldt ook voor ICPC-codes in de range 30-69 (verrichtingen). Omdat veel individuele ICPC-codes slechts bij kleine aantallen patiënten voorkomen, zijn de codes gegroepeerd in ICPC-hoofdstukken en ICPC-clusters.


KwaliteitbeoordelingKwaliteitscontrole op de cijfers
We hebben verschillende controlemechanismen om de kwaliteit van de cijfers over zowel (1) zorggebruik als (2) gezondheidsproblemen op de huisartsenposten te waarborgen.

1. Kwaliteitscontrole cijfers zorggebruik HAP
Om het zorggebruik op de huisartsenpost te berekenen, maken wij gebruik van zo compleet mogelijke registratiegegevens. Daartoe hanteren we een aantal criteria:

  • Criterium 1: We dienen te beschikken over de registratiegegevens van 52 weken. Huisartsenposten zijn tenslotte het hele jaar door open.
    Voor het jaar 2019 hebben alle deelnemende HDS’en gegevens over 52 weken aangeleverd. De resultaten voor de jaarcijfers 2019 zijn dus gebaseerd op de gegevens van alle deelnemende HDS'en.
    In de jaren 2013-2016 leverden 21 of 22 van de 29 huisartsendienstenstructuren bruikbare gegevens over 52 weken aan, waarbij de samenstelling van de groep per jaar varieerde.
     
  • Criterium 2: er is een ondergrens van het aantal contacten per week, willen we de cijfers meenemen. Deze ondergrens hebben wij vastgesteld op 500 contacten per week per HDS, voor de periode 2013-2016.
    In 2017 is het aantal contacten met de huisartsenpost afgenomen, waardoor er twee HDS'en net niet door het kwaliteitsfilter van 500 contacten per week kwamen. Voor 2017 is de ondergrens daarom verlaagd naar 250 contacten per week.
     
  • Criterium 3: om cijfers over gepresenteerde gezondheidsproblemen goed te kunnen berekenen, is het van belang dat er bij contacten met de huisartsenpost een ICPC-code geregistreerd is.

Voor cijfers over geneesmiddelenvoorschriften zijn geregistreerde ATC-codes van belang. Daarom zijn er nog twee extra criteria waaraan moet worden voldaan door de HDS'en waarvan de gegevens worden gebruikt:

  • Cijfers over gepresenteerde gezondheidsproblemen zijn gebaseerd op gegevens van huisartsendienstenstructuren waarvan bij minimaal 70% van de contacten een betekenisvolle ICPC-code geregistreerd is (27 HDS'en in 2019).
  • Cijfers over geneesmiddelenvoorschriften zijn gebaseerd op gegevens van huisartsendienstenstructuren waarvan bij minimaal 85% van de contacten met een geneesmiddelenvoorschrift een betekenisvolle ATC-code geregistreerd is (27 HDS'en in 2019).


2. Kwaliteitscontrole cijfers gezondsheidsproblemen HAP (ICPC-codering)
De cijfers over gepresenteerde gezondheidsproblemen stellen we vast op basis van de ICPC-codes die bij de huisartsenpost worden toegekend aan gestelde diagnoses. We gaan na in hoeverre de ICPC-codering wordt gebruikt.

  • In 2019 registreerden zorgverleners op de huisartsenpost bij gemiddeld 95% van de contacten een betekenisvolle ICPC-code. Dat is iets beter dan in 2018.
  • De verschillen tussen huisartsendienstenstructuren zijn kleiner geworden in 2019. Het percentage contacten zonder ICPC-code is in 2019 iets gestegen ten opzichte van 2018 (van 6,0% naar 4,0%). Ook hierin zijn grote verschillen tussen huisartsendienstenstructuren (range 0,03%-44,8% in 2019).
Tabel: Gebruik van ICPC-codering op de huisartsenpost
Use of ICPC coding in primary out-of-hours services
 
  2015 2016 2017 2018 2019

% contacten met betekenisvolle ICPC-code

88,4 91,2 91,3 92,0 94,9

 % contacten met A97: geen ziekte

0,8 0,8 0,8 0,8 0,9

 % contacten met A99: andere gegeneraliseerde/niet gespecificeerde ziekte

1,3 1,2 0,5 0,1 0,1

 % contacten zonder ICPC-code

8,9 6,2 6,9 6,5 3,5

 % contacten met niet betekenisvolle verrichtingscode

0,6 0,6 0,6 0,7 0,6
           
Ramerman L, Rijpkema C, Verheij R. Methode vaststellen cijfers zorgverlening huisartsenposten.. Methode vaststellen cijfers zorgverlening huisartsenposten. Uit: www.nivel.nl [Laatst gewijzigd op 04-12-2020; geraadpleegd op 19-04-2021]. URL: https://www.nivel.nl/nl/nivel-zorgregistraties-eerste-lijn/methode-vaststellen-cijfers-zorgverlening-huisartsenposten