Zelfstandige hospices

Sterk beïnvloed door de al wat langer bestaande hospicebeweging in Engeland, zijn er in de afgelopen 15 jaar in Nederland veel hospices gekomen. Er zijn nu ongeveer 150 zelfstandige hospices, waarbij er rond de tien zich uitsluitend op kinderen richten (zie hiervoor Palliatief en Kies Beter).
Een hospice is een huis – meestal in een gewone woonwijk - waar mensen palliatieve zorg krijgen. Men spreekt over een zelfstandig of onafhankelijk hospice, als het hospice geen onderdeel uitmaakt van een grotere zorgorganisatie, bijvoorbeeld een ziekenhuis of een verpleeghuis.
Het is de bedoeling dat patiënten hier zoveel mogelijk ‘thuis’ komen. De sfeer wordt bewust huiselijk gehouden, dus geen ziekenhuissfeer. De gasten worden op een persoonlijke manier benaderd. Het personeel draagt geen uniforms en het eten wordt in een gewone keuken gekookt. Er gebeuren geen routine onderzoeken of routine handelingen. De patiënten, meestal gasten genoemd,  worden op hun eigen ritme verzorgd. Ze kunnen aangeven wat voor hen belangrijk is, ze kunnen kiezen om al dan niet uit te slapen, om al dan niet te eten, in bad te gaan, enzovoort. Het concept wordt bewust kleinschalig gehouden; meestal is er plaats voor tussen de twee tot acht gasten.
Vaak wordt een onderscheid gemaakt tussen high care hospices en 'bijna-thuis-huizen’. De laatste worden ook wel vrijwilligershospices genoemd. De high care hospices hebben vaste verpleegkundigen in dienst, die samenwerken met vrijwilligers. Soms is er ook een eigen hospice-arts en maatschappelijk werker.
De bijna-thuis-huizen werken voornamelijk met vrijwilligers, en hebben geen eigen verpleegkundigen of andere professionals in dienst. De eigen huisarts van de gast blijft verantwoordelijk voor de medische zorg en waar nodig komen er thuiszorgmedewerkers over de vloer voor verpleegkundige taken (Wolfaert en Francke, 2011).