afgesloten
Monitor Videonetwerken jaar 2
De Monitor Videonetwerken moet door middel van herhaalde metingen inzicht geven in hoe de invoering van videonetwerken bij thuiszorgorganisaties en zorggebruikers vorm krijgt. Op basis van de monitor kan het invoeringsproces van videonetwerken op nationaal of instellingsniveau waar nodig bijgesteld worden.
1.a. Hoeveel thuiszorgorganisaties hebben najaar 2007 een functionerend videonetwerk en hoeveel aansluitingen hebben ze?
b. Wat is de visie en motivatie van deze thuiszorgorganisaties om AWBZ-zorg of overige vormen van dienstverlening via een videonetwerk te leveren?
2.Hoe zijn de videonetwerken binnen die thuiszorgorganisaties georganiseerd?
3.Wat zijn de achtergrondkenmerken (bijvoorbeeld qua woonsituatie en qua AWBZ-indicatie) van de aangesloten cliënten?
4.Wat zijn meningen en ervaringen van cliënten, mantelzorgers, zorgcentralisten en overige betrokken thuiszorgmedewerkers met de videonetwerken?
5. Welke ontwikkelingen in de tijd (vanaf begin 2005) zijn waar te nemen voor wat betreft de onderwerpen die zijn genoemd in de voorgaande vragen?
6.Is de soort zorg die aan de doelgroep wordt geleverd hetzelfde als de soort zorg geleverd aan de referentiegroep?
7. Wordt er aan de doelgroep meer/minder/gelijke uren zorg geleverd dan aan de referentiegroep?
Deze monitorpeiling kan ingedeeld worden in:
(1) een onderzoeksdeel dat gebaseerd is op schriftelijke ondervraging van direct betrokken partijen en
(2) een onderzoeksdeel dat gebaseerd is op bestudering van registraties over aangesloten cliënten die vallen onder de doelgroep van de voornoemde bekostigingsregeling, versus die van een referentiegroep die qua relevante achtergrondkenmerken goed vergelijkbaar is met de voornoemde doelgroep, maar die niet is aangesloten op een videonetwerk .
De resultaten worden in een openbaar rapport beschreven. Omdat de deelnemende thuiszorgorganisaties niet uitsluitend geïnteresseerd zullen zijn in landelijke gegevens en in de rapportage niet bij elk onderdeel gedifferentieerd zal worden naar organisatie, zullen bij het tussentijdse rapport losse bijlagen met gegevens over specifieke organisaties gemaakt worden. Deze losse bijlagen zijn primair bedoeld als terugkoppeling voor de organisaties.
Dit project wordt gesubsidieerd door
ActiZ
In dit project werken we samen met
Vectiz
Contactpersonen (2) :
A.J.E. (Anke) de Veer
Senior onderzoeker Panel Verpleging & verzorging