Publicatie

Publicatie datum
Monitor palliatieve zorg: rapport 2005.
Mistiaen, P., Hasselt, T. van, Francke, A.L. Monitor palliatieve zorg: rapport 2005. Utrecht: NIVEL, 2005.
Download de PDF
Het aantal palliatieve terminale zorg (PTZ)-voorzieningen in Nederland (hospices, bijna-thuis-huizen en palliatieve units in verpleeg- verzorgingshuizen) groeit nog steeds. Ook maken steeds
meer patiënten er gebruik van.

Er waren in 2004 190 PTZ-voorzieningen, in 2005 waren dat er 250 met minstens 800 bedden. Daarnaast zijn er nog zeker zo’n 50 PTZ-voorzieningen in oprichting. Er is nu ook een landelijk dekkend aanbod van consultatievoorzieningen waar zorgverleners een beroep op kunnen doen voor advies omtrent palliatieve zorg bij specifieke patiënten.

Dat blijkt uit het tweede van een reeks jaarlijkse monitoronderzoeken van onderzoeksinstituut NIVEL (Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg), gesubsidieerd door het Ministerie van VWS. Het onderzoek volgt gedurende drie jaar het aanbod, het gebruik, de organisatie en de financiering van de palliatieve terminale zorgvoorzieningen, de consultatievoorzieningen, en de afdelingen palliatieve zorg bij de Integrale Kankercentra. De gegevens worden verzameld door op drie momenten - voorjaar 2004, 2005 en 2006 - schriftelijke vragenlijsten te sturen aan deze instellingen.

Vanaf de jaren ‘90 nam de maatschappelijke en politieke belangstelling voor palliatieve zorg aan terminale patiënten sterk toe. Belangrijke redenen hiervoor waren de vergrijzing van de bevolking en de toegenomen aandacht voor menswaardig sterven. Sinds medio jaren '90 voert het Ministerie van VWS een stimuleringsbeleid op het terrein van palliatieve zorg. Mede daardoor is de palliatieve zorg in een stroomversnelling geraakt.

Uit het onderzoek blijkt dat het palliatieve zorglandschap in Nederland nog volop in ontwikkeling is. Mensen die terminaal ziek zijn en niet thuis kunnen of willen worden verzorgd, kunnen voor palliatieve terminale zorg terecht in een hospice of ‘bijna-thuis-huis’ of een palliatieve unit in een verpleeg- of verzorgingshuis. Hier worden niet alleen lichamelijke klachten als pijn, kortademigheid, of obstipatie bestreden, mensen worden ook begeleid bij het afscheid nemen van het leven en hun dierbaren, en er is aandacht voor levensbeschouwelijke vragen als ‘Heb ik het allemaal wel goed gedaan?’.

In 2004 zijn ca. 5000 mensen overleden in een PTZ-voorziening. Dat is ca. 7% van het geschatte aantal mensen dat jaarlijks mogelijk behoefte heeft aan palliatieve zorg. Het gemiddelde bezettingspercentage in PTZ-voorzieningen was in 2004 circa 63%, maar met grote variatie tussen instellingen.

Net als in 2004 valt ook in 2005 op dat de PTZ-voorzieningen ongelijkmatig verspreid zijn over het land (zie bijgevoegde kaart). Het percentage PTZ-voorzieningen dat financiële problemen heeft is in 2004 gedaald van 75% naar 56%. Vooral de ‘bijna thuis huizen’ en hospices, die als zelfstandige organisaties opereren hebben financiële problemen.
De regionale consultatievoorzieningen palliatieve zorg, waar professionals een beroep op kunnen doen als ze advies willen omtrent palliatieve zorg bij specifieke patiënten, krijgen steeds duidelijker vorm. In 2004 zijn bijna 6000 consultaties verleend.

Ook de afdelingen palliatieve zorg van de Integrale Kankercentra die vanaf 1 januari 2004 actief zijn, ondernemen volop activiteiten, onder andere op het gebied van deskundigheidsbevordering. Het aantal professionals dat deelneemt aan activiteiten op het gebied van deskundigheidsbevordering (zoals congressen, themabijeenkomsten en symposia, cursussen, intervisie) is toegenomen in 2004.
De afstemming tussen de Integrale Kankercentra en de al bestaande Netwerken Palliatieve Zorg is een punt van aandacht.
Vragen, bel of mail: