Nieuws
07-09-2011

Chemotherapie: iedere informatiebron zijn eigen publiek

Patiënten met kanker gebruiken verschillende informatiebronnen als zij beginnen met chemotherapie. Informatie over de behandeling van het ziekenhuis, brochures en internet worden het meest betrouwbaar gevonden en geraadpleegd. Deze informatiebronnen worden elk gebruikt door verschillende groepen patiënten, zo blijkt uit een publicatie van onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam, het NIVEL en de Universiteit van Sydney in Psycho-Oncology.
 



Patiënten gebruiken verschillende informatiebronnen voor ze chemotherapie krijgen. Ouderen prefereren de informatie over de behandeling van het ziekenhuis. Jongeren, mensen met een hogere opleiding en mensen voor wie het zoeken naar informatie een manier is om met de stress van de ziekte en de behandeling om te gaan, zoeken meer informatie op internet. Zij raadplegen ook meer aanvullende folders en brochures. In het persoonlijke contact zijn de medisch specialist, de verpleegkundige en familie of vrienden de meest gebruikte bronnen, onafhankelijk van de leeftijd of opleiding van de patiënt. Mensen die na afloop van het voorlichtingsgesprek met de verpleegkundige nog vragen hebben over de behandeling en de prognose, slaan vaker de Behandelwijzer Chemotherapie na die bij het gesprek is verstrekt.

Verschillende behoefte
Patiënten blijken verschillende informatiebronnen te gebruiken vanuit een verschillende behoefte aan informatie. En hoe betrouwbaarder ze een informatiebron vinden, hoe vaker ze die gebruiken. Iedere informatiebron biedt specifieke mogelijkheden voor informatie op maat. Onderzoeker Linda Muusses: “Als je alleen nog informatie via internet zou aanbieden, bereik je niet de mensen die het meest vertrouwen op brochures. We moeten daarom verschillende bronnen blijven aanbieden. Ze hebben allemaal hun functie. Iedere informatiebron bedient zijn eigen publiek. Voor een aantal mensen werkt aanvullende informatie ook geruststellend.”

Onderzoek
Als aan de informatiebehoefte van patiënten wordt voldaan, kan dat hen helpen beter om te gaan met hun ziekte en hun welbevinden verbeteren. De onderzoekers keken welke informatiebronnen patiënten met kanker gebruiken die voor het eerst chemotherapie krijgen, en welke kenmerken van de informatiebron die keuze bepalen. Voor het onderzoek beantwoordden 354 patiënten in tien ziekenhuizen een vragenlijst.

Subsidiënten
- KWF Kankerbestrijding
- Amsterdam School of Communication Research / ASCoR

Samenwerkingspartners
- ASCoR, Universiteit van Amsterdam
- Universiteit van Sydney