afgesloten
Substitutiepotentieel en effectiviteit van de extramurale optometrist in de Nederlandse oogzorg
Voor de oogzorg in Nederland geldt, net als voor andere typen zorg, de uitdaging om marktwerking in de zorg te optimaliseren en zijn partijen gezamenlijk verantwoordelijk om de toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid van deze zorg aan (potentiële) patiënten te optimaliseren. Tegen deze achtergrond zijn verschillende partijen reeds enige tijd actief om de optometrie in Nederland beter op de kaart te zetten bij overheid en zorgverzekeraars
Wat is de diagnostische effectiviteit van de optometrist ten opzichte van de oogarts en de huisarts? Wat is de potentiele omvang en effectiviteit van de optometrist in termen van verantwoorde filterwerking waardoor minder beroep kan worden gedaan op specialistische oogzorg en eerstelijns huisartsenzorg?
Door middel van een vignetonderzoek worden de diagnostische en doorverwijsbeslissingen van een substantieel aantal oogartsen, optometristen en huisartsen op statistisch verantwoorde wijze met elkaar te vergelijken.
Daarop voortbouwend worden de informatiesystemen van het NIVEL m.b.t. de consulten en patiënten van huisartsen (LINH), de informatiesystemen van Pearle m.b.t. de optometrie-cliënten en de informatiesystemen van Achmea m.b.t. de patiënten van oogartsen, vergelijkbaar gemaakt en geanalyseerd.
Op basis van dit onderzoek zal een lijst van oogaandoeningen worden samengesteld waarbij efficiënte en verantwoorde filterwerking mogelijk is.
Ook zal de vraag beantwoord worden of in de afgelopen jaren reeds op landelijk dan wel regionaal niveau sprake is geweest van filterwerking door de optometrist, en hoe dit varieert per aandoening.
Dit project wordt gesubsidieerd door
Stichting Achmea Gezondheidszorg – Achmea Zorgverzekeringen NV
Contactpersonen (2) :
R.S. (Ronald) Batenburg
Programmaleider en bijzonder hoogleraar Arbeid en Organisatievraagstukken in de Gezondheidszorg (Radboud Universiteit)