Publicatie

Publicatie datum

De HSMR beproefd: aard en invloed van meetfouten bij het bepalen van het gestandaardiseerde ziekenhuissterftecijfer.

Bosch, W.F. van den. De HSMR beproefd: aard en invloed van meetfouten bij het bepalen van het gestandaardiseerde ziekenhuissterftecijfer. Amsterdam: Vrije Universiteit Amsterdam, 2011.
Download de PDF
Voordat het gestandaardiseerd ziekenhuissterftecijfer HSMR kan worden gebruikt om ziekenhuizen te vergelijken en de kwaliteit van zorg te verbeteren, zijn aanpassingen nodig. Het is een veelbelovend instrument maar de huidige HSMR-sterftemaat corrigeert nog te weinig, concludeert Wim van den Bosch in onderzoek van het NIVEL en Santeon waarop hij 2 november promoveert aan VU medisch centrum.

In 2010 zijn in Nederland de ‘ruwe’ ziekenhuissterftecijfers over 2009 gepubliceerd. Wat veel belangstelling opleverde van de politiek, de inspectie, de media en zorggebruikers. Maar de kwaliteit van ziekenhuizen onderling was met deze sterftecijfers niet te vergelijken omdat geen rekening wordt gehouden met verschillen in aandoening. Een ziekenhuis met uitsluitend kankerpatiënten zal hogere sterftecijfers hebben dan een regulier ziekenhuis. Ook andere patiëntenkenmerken, bijvoorbeeld leeftijd, kunnen verschillen in ziekenhuissterftecijfer opleveren. Ruwe sterftecijfers zijn daarom ongeschikt voor het meten van kwaliteitsverschillen. Voor een vergelijking moeten die sterftecijfers worden gecorrigeerd voor aandoening, leeftijd, enzovoort.

Standaard sterftemaat
In Engeland is zo’n gecorrigeerde sterftemaat ontwikkeld: de ‘hospital standardised mortality ratio’ (HSMR). IJkpunt is het landelijk gemiddelde van alle ziekenhuizen, dat op 100 wordt gesteld. Deze HSMR is op de Nederlandse sterftecijfers uit 2010 toegepast. De uitkomsten variëren van 65 (gunstig) tot 140 (ongunstig) en worden binnenkort openbaar gemaakt. Met de HSMR zijn overigens niet alleen ziekenhuizen te vergelijken maar ook groepen patiënten met dezelfde diagnose.

Meetfouten
Zes topklinische ziekenhuizen, verenigd onder de naam ‘Santeon’, hebben deze sterftemaat gebruikt als meetinstrument in programma’s om hun kwaliteit van zorg te verbeteren. Gaandeweg groeide echter de twijfel. Meetfouten leken meer invloed op de HSMR-scores te hebben dan kwaliteit van zorg. Ze onderzochten daarom de aard van de meetfouten en hoeveel invloed ze hadden op de scores. Aanmerkelijke verschillen in HSMR-scores bleken veroorzaakt te worden door variaties in ziekenhuisregistraties, heropnames, de ernst van de aandoening en risicovolle verrichtingen die maar in een beperkt aantal ziekenhuizen worden verricht. Bijvoorbeeld openhartoperaties. Factoren waarvoor de HSMR-sterftemaat niet corrigeert en die samenhangen met andere zaken dan kwaliteit.

Ten onrechte slecht
“De HSMR-versie uit 2010 corrigeert dus onvoldoende. Nu bestaat de kans dat goede en veilige ziekenhuizen ten onrechte slecht scoren. Voordat een gestandaardiseerd ziekenhuissterftecijfer effectief kan worden ingezet om ziekenhuizen te vergelijken en de kwaliteit van zorg te verbeteren, zijn nog aanpassingen nodig”, concludeert Van den Bosch en hij doet hiervoor aanbevelingen. “Zodra de HSMR is verbeterd staat de kwaliteit van het instrument openbaarmaking van ziekenhuissterftecijfers niet meer in de weg.”

Wim van den Bosch is senior adviseur Kwaliteit en Verantwoording in het St. Antonius Ziekenhuis in Utrecht/Nieuwegein.

Het onderzoek is geïnitieerd, gefaciliteerd en financieel ondersteund door Santeon, een groep van zes samenwerkende ziekenhuizen.