Claudia Laarman
Publicatie
Datum
15-09-2025
Monitor Vaccinatiegraad Nationaal Programma Pneumokokkenvaccinatie Volwassenen (NPPV) 2024: monitor in het kort.
Monitor Vaccinatiegraad Nationaal Programma Pneumokokkenvaccinatie Volwassenen (NPPV) 2024: monitor in het kort. Utrecht: Nivel, 2025. 2 p.
Download de PDF
Mensen vanaf de leeftijd van 60 jaar werden in de periode 2020-2024 in verschillende leeftijdscohorten uitgenodigd voor vaccinatie tegen pneumokokkenziekte. In 2024, het vierde jaar van dit vaccinatieprogramma, werden mensen geboren in 1961 t/m 1964 (ofwel 60 t/m 63 jaar) uitgenodigd. Hiervan werd 45,4% gevaccineerd.
In 2024 was de vaccinatiegraad 45,4% voor het leeftijdscohort 60 t/m 63 jaar. In 2023 lag deze vaccinatiegraad op 56,4% voor het leeftijdscohort 63 t/m 66 jaar. Voor de leeftijdscohorten 66 t/m 69, 69 t/m 73 en 73 t/m 76 jaar lag de vaccinatiegraad op respectievelijk 63,0% (2022), 74,1% (2021) en 73,0% (2020). Daarnaast liep de vaccinatiegraad uiteen tussen de verschillende geboortejaren binnen één leeftijdscohort. Bijvoorbeeld in 2024 was de vaccinatiegraad 49,9% voor geboortejaar 1961 en 42,8% voor geboortejaar 1964. Er is dus een duidelijke daling van de vaccinatiegraad met leeftijd. Wat betreft geslacht zijn er ook verschillen zichtbaar. In 2024 waren er meer vrouwen (49,3%) dan mannen (42,1%) die zich lieten vaccineren.
De mensen die in 2024 door hun huisarts werden uitgenodigd voor pneumokokkenvaccinatie ontvingen vanwege hun leeftijd ook een uitnodiging voor griepvaccinatie. Er was een sterke samenhang tussen beide vaccinaties, wat verklaarbaar is vanwege het vaak gelijktijdig vaccineren. Bij mensen die een medische indicatie hadden voor influenzavaccinatie, lag de vaccinatiegraad voor pneumokokken het hoogst bij de mensen met een afwijking aan de luchtwegen (57,8%).
In 2024 was de vaccinatiegraad 45,4% voor het leeftijdscohort 60 t/m 63 jaar. In 2023 lag deze vaccinatiegraad op 56,4% voor het leeftijdscohort 63 t/m 66 jaar. Voor de leeftijdscohorten 66 t/m 69, 69 t/m 73 en 73 t/m 76 jaar lag de vaccinatiegraad op respectievelijk 63,0% (2022), 74,1% (2021) en 73,0% (2020). Daarnaast liep de vaccinatiegraad uiteen tussen de verschillende geboortejaren binnen één leeftijdscohort. Bijvoorbeeld in 2024 was de vaccinatiegraad 49,9% voor geboortejaar 1961 en 42,8% voor geboortejaar 1964. Er is dus een duidelijke daling van de vaccinatiegraad met leeftijd. Wat betreft geslacht zijn er ook verschillen zichtbaar. In 2024 waren er meer vrouwen (49,3%) dan mannen (42,1%) die zich lieten vaccineren.
De mensen die in 2024 door hun huisarts werden uitgenodigd voor pneumokokkenvaccinatie ontvingen vanwege hun leeftijd ook een uitnodiging voor griepvaccinatie. Er was een sterke samenhang tussen beide vaccinaties, wat verklaarbaar is vanwege het vaak gelijktijdig vaccineren. Bij mensen die een medische indicatie hadden voor influenzavaccinatie, lag de vaccinatiegraad voor pneumokokken het hoogst bij de mensen met een afwijking aan de luchtwegen (57,8%).