Senior onderzoeker Huisartsenzorg
Publicatie
Datum
03-07-2025
Slapend rijk: arbeidsmarkteffecten van slapeloosheid
Vermeulen, W., Casteren, B. van, Luiten, W., Lancee, J., Vanhommerig, J.
Slapend rijk: arbeidsmarkteffecten van slapeloosheid SEO: 2025. 41 p.
Download de PDF
Twaalf procent van de Nederlandse bevolking heeft last van slapeloosheid. Wat zijn de gevolgen hiervan voor hun prestaties op de arbeidsmarkt? Wat betekent dit voor de maatschappelijke baten van preventie en behandeling van deze aandoening?
In dit onderzoek verkennen we de arbeidsmarkteffecten van slapeloosheid in Nederland. Slapeloosheid meten we af aan een diagnose van de huisarts voor slapeloosheid of andere slaapstoornissen. Slaapapneu is een belangrijke andere slaapstoornis die we hiervan uitsluiten. We vergelijken de arbeidsmarktuitkomsten voor en na deze diagnose met de ontwikkeling van arbeidsmarktuitkomsten voor een controlegroep die op basis van waargenomen kenmerken vergelijkbaar is gemaakt. Daarbij houden we rekening met verschillen in demografische kenmerken (leeftijd, geslacht, opleiding en huishoudtype) en medicijngebruik. We onderzoeken de robuustheid van onze bevindingen door ook de arbeidsmarkteffecten van slaapapneu in beeld te brengen en door mensen met een huisartsregistratie van problemen op het werk of een achteruitgang van de gezondheid buiten beschouwing te laten.
We verkennen wat de arbeidsmarkteffecten uit ons onderzoek betekenen voor een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) van preventie en behandeling van slapeloosheid. Hiertoe maken we een inschatting van de
arbeidsmarktbaten van een effectieve behandeling en zetten die af tegen de kosten van cognitieve gedragstherapie (CGT-I). CGT-I is een bewezen effectieve niet-medicamenteuze behandeling die wordt aanbevolen voor chronische slapeloosheid.
We rekenen ook uit hoe groot de potentiële arbeidsmarktbaten zijn van een verbetering van de preventie en behandeling van slapeloosheid. Ondanks de beschikbaarheid van effectieve niet-medicamenteuze interventies
wordt chronische slapeloosheid namelijk niet altijd goed behandeld. Huisartsen schrijven bij het merendeel van de patiënten die met slaapproblemen op hun spreekuur komen slaapmedicatie voor, terwijl dit volgens de richtlijn van het Nederlands Huisartsgenootschap (NHG) altijd tweede keuze is en alleen voor de korte termijn. Dit heeft waarschijnlijk te maken met een tekort aan goedgeschoolde behandelaars, omdat verzekeraars behandeling door een psycholoog vanuit de basis-ggz niet vergoeden.
In dit onderzoek verkennen we de arbeidsmarkteffecten van slapeloosheid in Nederland. Slapeloosheid meten we af aan een diagnose van de huisarts voor slapeloosheid of andere slaapstoornissen. Slaapapneu is een belangrijke andere slaapstoornis die we hiervan uitsluiten. We vergelijken de arbeidsmarktuitkomsten voor en na deze diagnose met de ontwikkeling van arbeidsmarktuitkomsten voor een controlegroep die op basis van waargenomen kenmerken vergelijkbaar is gemaakt. Daarbij houden we rekening met verschillen in demografische kenmerken (leeftijd, geslacht, opleiding en huishoudtype) en medicijngebruik. We onderzoeken de robuustheid van onze bevindingen door ook de arbeidsmarkteffecten van slaapapneu in beeld te brengen en door mensen met een huisartsregistratie van problemen op het werk of een achteruitgang van de gezondheid buiten beschouwing te laten.
We verkennen wat de arbeidsmarkteffecten uit ons onderzoek betekenen voor een maatschappelijke kosten-batenanalyse (MKBA) van preventie en behandeling van slapeloosheid. Hiertoe maken we een inschatting van de
arbeidsmarktbaten van een effectieve behandeling en zetten die af tegen de kosten van cognitieve gedragstherapie (CGT-I). CGT-I is een bewezen effectieve niet-medicamenteuze behandeling die wordt aanbevolen voor chronische slapeloosheid.
We rekenen ook uit hoe groot de potentiële arbeidsmarktbaten zijn van een verbetering van de preventie en behandeling van slapeloosheid. Ondanks de beschikbaarheid van effectieve niet-medicamenteuze interventies
wordt chronische slapeloosheid namelijk niet altijd goed behandeld. Huisartsen schrijven bij het merendeel van de patiënten die met slaapproblemen op hun spreekuur komen slaapmedicatie voor, terwijl dit volgens de richtlijn van het Nederlands Huisartsgenootschap (NHG) altijd tweede keuze is en alleen voor de korte termijn. Dit heeft waarschijnlijk te maken met een tekort aan goedgeschoolde behandelaars, omdat verzekeraars behandeling door een psycholoog vanuit de basis-ggz niet vergoeden.
Gegevensverzameling