Nieuws
06-03-2014
CQ-indexvragenlijsten aangepast voor niet-westerse migranten

CQ-indexvragenlijsten meten ervaringen van patiënten met de zorg en zijn ontwikkeld voor en door Nederlanders. Vier van deze vragenlijsten zijn nu aangepast aan de behoeftes van niet-westerse migranten. Zodat ze voor zoveel mogelijk mensen in Nederland te gebruiken zijn. Na aanpassing konden ook Nederlanders met een Turkse, Marokkaanse, Antilliaanse en Surinaamse achtergrond de vragenlijsten makkelijker invullen en gebruiken. 


CQI-meetinstrumenten (Consumer Quality Index) zijn in tien jaar uitgegroeid tot een landelijke standaard voor het meten van de ervaringen van patiënten met de zorg. Er zijn inmiddels 29 verschillende CQI-vragenlijsten beschikbaar om de kwaliteit van zorg in kaart te brengen voor aandoeningen zoals diabetes tot de zorg in de ziekenhuizen, van de huisartsenzorg of de COPD-zorgketen, en er zijn er nog vijf in ontwikkeling. Ze voorzien in de informatiebehoefte van patiënten, zorgverleners en zorgorganisaties, zorgverzekeraars en overheidsinstanties.
 
Cultuur
Bij de ontwikkeling van de CQI-vragenlijsten zijn niet-westerse migranten niet of nauwelijks betrokken geweest. Terwijl zij mogelijk andere ervaringen hebben met de zorg, een ander medisch systeem gewend zijn of vanuit hun cultuur of religie andere behoeften hebben dan andere Nederlanders. Daarnaast is de respons onder niet-westerse migranten doorgaans relatief lager. In samenwerking met het Kwaliteitsinstituut (CKZ) en Pharos hebben onderzoekers van het NIVEL (Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg)  daarom vier bestaande CQI-vragenlijsten – voor Huisartsenzorg, Ziekenhuisopname, Kraamzorg en Thuiszorg – onder de loep genomen. Dit zijn vragenlijsten die breed worden ingezet, ook onder migranten. De onderzoekers toetsten de vragenlijsten onder Nederlanders met een Turkse, Marokkaanse, Antilliaanse en Surinaamse achtergrond.
 
Makkelijker
Ze keken bijvoorbeeld of kwaliteitsaspecten die voor deze groepen belangrijk zijn wel goed in de vragenlijst zijn opgenomen. Of de taal wel begrijpelijk is en of alle vragen wel nodig zijn. NIVEL-onderzoeker Herman Sixma: “Na de aanpassing konden de ondervraagden de vragenlijst makkelijker invullen. En door de toevoeging van enkele specifieke kwaliteitsaspecten sluiten de nieuwe vragenlijsten beter aan bij zaken die juist migranten belangrijk vinden, zoals de mogelijkheid een tolk in te schakelen, of rekening te houden met de culturele achtergrond of met speciale voedingswensen.”
 
Compact
De vier nieuwe versies van de vragenlijsten bevatten korte actieve zinnen, zo min mogelijk moeilijke woorden en specifiek Nederlandse uitdrukkingen, en er zijn een aantal ‘weet niet’ categorieën toegevoegd. Verder is in de vragenlijsten geprobeerd zoveel mogelijk aan te sluiten bij de logische volgorde bij het contact met zorgverleners, er zijn een aantal specifieke voor migranten belangrijke vragen toegevoegd en overbodige of overlappende vragen geschrapt. Met als resultaat compactere vragenlijsten die meer zijn toegesneden op belevingswereld en het taalniveau van migranten. De onderzoekers verwachten dat de vragenlijsten door deze verbeteringen voor iedereen toegankelijker zijn geworden.

In het kader van het gezamenlijk project implementeerde Pharos in 2013 een folder en een training gericht op het verhogen van de respons op de CQ-indexvragenlijsten onder migranten. Zie voor meer informatie: www.pharos.nl


Subsidiënt
Fonds PGO