Nieuws
25-08-2005
Overschot verloskundigen dreigt
Om te voorkomen dat er in 2015 te veel verloskundigen zijn, zal het aantal opleidingsplaatsen de komende zes jaar omlaag moeten.Dat blijkt uit onderzoek van het NIVEL, gesubsidieerd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) , via de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen (KNOV) en Zorgverzekeraars Nederland (ZN).

De mate waarin de opleidingscapaciteit omlaag zal moeten hangt af van de beleidsmatige en vakinhoudelijke ontwikkelingen in de komende jaren. De afgelopen jaren was de instroom in de opleidingen tot verloskundige 220 eerstejaars per jaar. Blijft het takenpakket van de verloskundigen gelijk, dan zal die instroom teruggebracht moeten worden naar maximaal 168 eerstejaars.

Krijgen verloskundigen daarentegen meer taken, dan hoeft de instroom maar terug naar maximaal 212 eerstejaars. Bij die taakuitbreiding valt te denken aan voorlichting over prenatale screening aan alle zwangeren en de uitvoering van een tweede-trimester-echo.

In de zorgverlening, dus ook in de verloskunde, is het belangrijk om een (globaal) evenwicht te hebben tussen vraag en aanbod: is de vraag beduidend groter dan het aanbod, dan schiet de zorgverlening tekort. Als het aanbod daarentegen groter is dan de vraag, dan kan dat leiden tot werkloosheid of overbehandeling.

Om de vraag naar verloskundigen te schatten werd onder andere rekening gehouden met het aantal te verwachten geboortes, maar bijvoorbeeld ook met het verdwijnen van de verloskundig actieve huisarts. Voor het aanbod werd gekeken naar de in- en uitstroom van verloskundigen, waarbij de uitstroom werd berekend op basis van de pensioengerechtigde leeftijd, de grootte van tijdelijke uitval door ziekte, zorgverlof en dergelijke, en de verwachtingen over voortijdige uitstroom. Bij het onderzoek is gebruik gemaakt van de Beroepskrachtenregistraties van het NIVEL.

Subsidiënt(en)