Levensloopbeleid voor mensen met verstandelijke beperkingen

03-10-2013
NIVEL: levensloopbeleid voor mensen met verstandelijke beperkingen

Ouderenbeleid is in opmars in de verstandelijk gehandicaptenzorg, maar zou ruimer kunnen worden opgevat als levensloopbeleid, zo blijkt uit een publicatie van onderzoekers van het NIVEL in NTZ, Nederlands Tijdschrift voor de Zorg aan mensen met verstandelijke beperkingen

Het ouderenbeleid zou kunnen profiteren van kennis over de ervaringen met ouder worden van mensen met een beperking en hun naasten. Waar denken en praten zij over als het gaat over ouder worden? Waaraan merken zij dat ze ouder worden? En wat betekent dit voor het beleid in de verstandelijk gehandicaptensector? Mensen met verstandelijke beperkingen worden ouder. In 2001 was 14% van de mensen met een verstandelijke beperking die zorg kreeg van een instelling, boven de 50 jaar. Naar verwachting wordt dit 23% in 2020.
 
Kwetsbaar
Veel mensen met een verstandelijke beperking krijgen na hun vijftigste al last van ouderdomsklachten, zoals slecht zien en horen of Alzheimer, klachten die bij de algemene bevolking meestal gaan spelen na hun 75e jaar. 11% procent van de mensen met een verstandelijke beperking is al kwetsbaar te noemen na hun vijftigste. Ook zij willen sociaal actief blijven nadat ze stoppen met dagactiviteiten of werk, en ook zij willen oud worden op de plek waar ze altijd hebben gewoond.
 
Veertig en moe
Tachtig procent van de 60-plussers met een beperking voelt zich gezond. Toch merkt 62% van de 40-plussers op dat zij ouder worden. Ze voelen zich minder lichamelijk en geestelijk fit, ze voelen zich
moe en vragen zich af hoe dat in de toekomst moet. Hoe moeten ze dan wonen? Hoe is het inkomen als je niet meer werkt? Wie zal hen ondersteunen als hun ouders zijn overleden?
 
Opmars
Ouderenbeleid is in opmars. Zorgaanbieders richten zich vooral op mensen met ernstige beperkingen en op de professionalisering van begeleiders, op het wonen en dagactiviteiten. Uit de gespreksonderwerpen van de mensen uit het Panel Samen Leven van het NIVEL blijkt dat panelleden en hun naasten vragen hebben over meer dan dat, bijvoorbeeld wie voor ze zorgt als ze oud zijn of hoe je eenzaamheid voorkomt als je geen dagactiviteiten meer hebt.
 
Levensloopbeleid
“Er spelen dus veel meer onderwerpen, ook voor mensen met lichtere beperkingen”, stelt NIVEL-onderzoeker Mieke Cardol. “Ouderenbeleid zou ingebed kunnen worden in levensloopbeleid – al in een vroeger stadium met mensen en hun naasten bespreken hoe ze wonen, zorg en welzijn in de toekomst zien. En alert zijn op veranderingen, vragen, zorgen of lichamelijke klachten, ook bij 40-plussers. Begeleiders spelen hierin een sleutelrol.”
 
Panel Samen Leven
Het Panel Samen Leven bestaat uit ruim 500 mensen met een lichte of matige verstandelijke beperking. Daarnaast zijn er ook ruim 400 naasten ouders, broer of zus en soms een goede vriend of een begeleider van de wooninstelling, lid van het panel.