Nieuws
20-11-2014
Eerste stap naar risicogestuurd toezicht op de kinderopvang

Bij het toezicht op de kinderopvang gebruiken de GGD’en een risicomodel. Dit risicomodel moet ervoor zorgen dat inspecteurs op uniforme wijze de inspectieactiviteit kunnen bepalen en dat meer tijd wordt besteed aan de inspectie van zwakkere kinderopvanglocaties.


Toezicht op de kinderopvang in Nederland is de wettelijke taak van de gemeenten. Zij geven hiervoor opdracht aan de GGD’en, die op hun beurt de daadwerkelijke inspecties uitvoeren en handhavingsadviezen uitbrengen aan de gemeenten. Om dit toezicht zoveel mogelijk risicogestuurd in te richten is door GGD GHOR Nederland in 2009 een risicomodel ontwikkeld. Dit moet ervoor zorgen dat vooral die kinderopvanglocaties waarover zorgen bestaan extra toezichtaandacht krijgen. Het risicomodel is primair bedoeld voor ‘intern’ gebruik: voor het overleg tussen de GGD en de gemeente over de intensiteit van het jaarlijkse inspectiebezoek. Op verzoek van GGD GHOR NL heeft de Inspectie van het Onderwijs het NIVEL (Nederlands instituut voor onderzoek van de gezondheidszorg) gevraagd onderzoek uit te voeren naar dit risicomodel.

Breed draagvlak
Om het toezicht op de kinderopvang effectiever en slagvaardiger te maken zijn in 2008 enkele vernieuwingen uitgevoerd. Het toezicht werd meer risicogestuurd en daarvoor werd in 2009 een risicomodel ontwikkeld. Dit model is in fases in de verschillende sectoren binnen de kinderopvang geïmplementeerd. NIVEL-onderzoeker Manja Bomhoff: “De verschillende stakeholders onderstrepen allemaal het belang van risicogestuurd toezicht en zijn het eens met het motto ‘meer waar nodig, minder waar mogelijk’. Ook zijn ze van mening dat het risicomodel bijdraagt aan gerichter toezicht en dat er al veel stappen zijn gezet.”

Veel diversiteit
Gebleken is wel dat het risicomodel in de praktijk nog heel verschillend wordt toegepast. De uitkomsten zijn ook afhankelijk van de inbedding van het model in een individuele, regionale en gemeentelijke werkwijze. De achtergrond hiervan is dat partijen, gemeenten en GGD-en op grond van hun eigen inzichten en lokale omstandigheden het risicomodel hebben toe- en aangepast. “De vraag die dit oproept is wat nu het optimale niveau voor deze variatie zou moeten zijn.”

Lastig toetsen
Het onderzoek laat verder zien dat het risicomodel niet goed te toetsen valt op validiteit en betrouwbaarheid. Hierdoor is niet goed vast te stellen of het risicomodel voorspellend werkt. Dit komt onder andere doordat de uitkomsten nog niet volledig en op uniforme wijze worden geregistreerd. De onderzoekers doen concrete suggesties om dit in de toekomst wel mogelijk te maken.

Brief van minister Asscher (SZW) aan de Tweede Kamer

Subsidiënt
Inspectie van het Onderwijs
GGD GHOR Nederland