Nieuws
21-09-2015
Gezondheidsvaardigheden op Europese agenda

Mensen met minder gezondheidsvaardigheden zijn minder gezond en kunnen minder goed voor zichzelf zorgen. Niet alleen in Nederland maar overal in Europa. Gezondheidsvaardigheden worden wereldwijd steeds vaker gezien als belangrijke voorspeller voor gezondheid. En ze krijgen steeds meer aandacht van onderzoekers, politici en zorginstituties, zo blijkt uit een onderzoek voor de Europese Commissie door het EPHORT-consortium waarvan het NIVEL de projectleider was.


Al krijgen gezondheidsvaardigheden in steeds meer Europese landen de aandacht die ze verdienen, in de meeste landen zijn ze nog geen speerpunt in nationaal gezondheidsbeleid. Slechts zes Europese landen hebben nationale doelstellingen geformuleerd op het gebied van gezondheidsvaardigheden. Nederland zit daar niet bij. Wel bleek uit een inventarisatie van de onderzoekers dat in veel landen activiteiten worden ondernomen om gezondheidsvaardigheden te bevorderen óf om de zorg beter af te stemmen op mensen met minder vaardigheden. De meeste daarvan zijn echter (nog) niet grondig onderzocht. Over de effectiviteit van deze activiteiten valt dan ook nog niet veel te zeggen.
 
Toegespitst
Uit de studies die wél in Europa gedaan zijn, blijkt dat succesvolle acties in ieder geval aan twee voorwaarden moeten voldoen: initiatieven moeten specifiek worden toegespitst op de patiënten of groepen met minder gezondheidsvaardigheden en niet op ‘de patiënt’ in het algemeen, en ze moeten zich ook richten op communicatieve of kritische vaardigheden en competenties en niet alleen op kennis.
 
Zelfvertrouwen
“Bij gezondheidsvaardigheden gaat het niet alleen om de vraag of je kunt lezen en gezondheidsinformatie kunt begrijpen. Het is breder, het gaat ook om zaken die bijvoorbeeld motivatie, zelfvertrouwen en beoordelingsvermogen vereisen. Durf je tegen de dokter te zeggen dat je iets niet snapt? Wat doe je als de uitleg van de apotheek bij je medicijn net weer iets anders is dan wat de dokter je vertelde?”, legt NIVEL-afdelingshoofd Jany Rademakers uit. “Dat zijn belangrijke thema’s om in interventies aan de orde te stellen. Daar hebben mensen ook ondersteuning bij nodig.”
 
Modellen
Veel Europese landen willen nu graag weten hoe het gesteld is met het niveau van gezondheidsvaardigheden in hun bevolking. Niet in alle landen is er geld om dat te doen met vragenlijstonderzoek. Daarom zijn in deze studie modellen ontwikkeld om redelijk accuraat de niveaus van gezondheidsvaardigheden in Europese landen te voorspellen op basis van reeds beschikbare gegevens over de bevolking.
 
Versnippering
Rademakers: “Dit onderzoek laat zien dat gezondheidsvaardigheden ook in Europa steeds meer op de agenda staan, maar dat de activiteiten vaak niet worden gecoördineerd door beleid. Daardoor treedt versnippering op. Ook is nog meer inzicht nodig in de effectiviteit van interventies en maatregelen op dit gebied.”
 
Subsidiënt
Europese Commissie
 
Samenwerkingspartners
EPHORT-consortium: NIVEL, RIVM en EPHA