Publicatie

Publicatie datum
Meldingen over en hinder van Laagfrequent Geluid of het horen van een bromtoon in Nederland: inventarisatie.
Kamp, I. van, Breugelmans, O.R.P., Poll, H.F.P.M. van, Baliatsas, C., Kempen, E.E.M.M. van. Meldingen over en hinder van Laagfrequent Geluid of het horen van een bromtoon in Nederland: inventarisatie. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 2018.
Download de PDF
De laatste jaren is er meer aandacht voor laagfrequent geluid en het horen van een hinderlijke bromtoon, en mogelijke gezondheidseffecten daarvan. Hinder is meestal een van de eerste reacties op dit type geluid en gaat vaak samen met secundaire effecten als hoofdpijn, concentratieproblemen, hartkloppingen en slaapproblemen. Aangetoonde effecten van laagfrequent geluid zijn hinder en slaapverstoring. Het aantal klachten dat aan blootstelling aan laag frequent geluid wordt toegeschreven, lijkt toe te nemen, net als de bezorgdheid erover. Niet alleen in Nederland maar ook elders.
Het is echter niet mogelijk precies aan te geven hoeveel mensen last hebben van laag frequent geluid. Dat komt onder andere doordat er niet systematisch onderzoek naar wordt gedaan. Zo is het in veel gevallen niet mogelijk om een duidelijke bron van laag frequent geluid aan te wijzen en het effect op het welzijn en de gezondheid van mensen te duiden. Bovendien denken mensen soms last te hebben van dit type geluid, maar is dat niet altijd de bron. Ook lijken er sterke verschillen in de mate van hinder te bestaan tussen steden, regio’s en buurten.
Laag frequente geluiden komen veel voor in het dagelijks leven en worden geproduceerd door natuurlijke bronnen (golven, wind) of door de mens, zoals industriële installaties, huishoudelijke apparaten en wegverkeer. Door geluidsisolerende maatregelen om luidere geluiden te bestrijden, zoals stil wegdek en geluidschermen, wordt laag frequent geluid meer gehoord.
Volgens voorlopige schattingen is ongeveer twee procent van de Nederlanders van 18 jaar en ouder ernstig gehinderd door laagfrequent geluid. Het RIVM beveelt aan om het probleem voor potentiële bronnen, zoals wegverkeer, ventilatie- en koelingssystemen en warmtepompen, systematischer te onderzoeken. Vanwege de sterke verschillen tussen buurten en regio’s zou dit op een standaard manier en minstens op wijkniveau moeten gebeuren. Door toekomstige ontwikkelingen is het mogelijk dat laag frequent geluid toeneemt. Te denken valt aan een toenemend gebruik van mechanische ventilatie, warmtepompen en koeling systemen vanwege klimaatverandering en de energie transitie. Het RIVM raadt daarom aan deze ontwikkelingen nauwlettend in de gaten te houden.
Vragen, bel of mail:
C. (Christos) Baliatsas
postdoc onderzoeker gezondheidseffecten van rampen en milieu-incidenten