SAVE Stap 1 - Dossieronderzoek 1e fase - verpleegkundigen

Nivel-dossier Patiëntveiligheid

De SAVE-methodiek is een online methode - in 5 stappen - voor dossieronderzoek door zorginstellingen, ter verbetering van kwaliteit van zorgprocessen en zorguitkomsten. Dit is stap 1: Dossieronderzoek 1e fase.

Inhoud – SAVE Stap 1 - Dossieronderzoek 1e fase - verpleegkundigen

Wie: verpleegkundigen

In de eerste fase van dossieronderzoek screent een verpleegkundige dossiers op de aanwezigheid van triggers.
Daarnaast beoordelen zij de kwaliteit van dossiers. Hiervoor volgen zij een training en is oefenmateriaal beschikbaar.
Het kiezen van de dossiers die worden onderzocht is aanvoer instelling zelf.

Wat: screenen dossiers op triggers

Van een trigger is sprake wanneer er mogelijke aanwijzingen zijn voor lichamelijke en/of geestelijke schade aan de cliënt. Voor drie sectoren is een triggerlijst beschikbaar:

SAVE: Triggerlijst GGZ - voor verpleegkundige
  1. Blijvende of tijdelijke fysieke schade opgelopen door de cliënt tijdens indexopname.
  2. Schade opgelopen door de cliënt als gevolg van agressie en/ of ander grensoverschrijdend gedrag van én naar zichzelf, medepatiënten, personeel, anderen of materieel.
  3. Toepassing dwangmiddelen of dwangmaatregelen tijdens indexopname.
  4. Verkeerd voorschrijven of toedienen van medicatie door een medewerker.
  5. Verkeerd gebruik van medicatie door de cliënt.
  6. Onbedoelde reactie op een geneesmiddel.
  7. Aanvankelijk niet geconstateerde somatische aandoening of onverwachte verergering van klachten als gevolg van een reeds bekende somatische aandoening tijdens de indexopname.
  8. Complicaties zenuwstelsel en (andere) fysieke complicaties.
  9. Complicaties in de zorgverlener-patiëntrelatie.
  10. Aanvankelijk onvoorziene en ongeplande overplaatsing binnen de instelling naar een afdeling of ruimte met intensievere zorg of controle.
  11. Aanvankelijk onvoorziene en ongeplande overplaatsing naar een algemeen ziekenhuis of andere instelling in de GGZ/VZ na onverwachte verslechtering van de cliënt.
  12. Niet passend verlof of ontslag.
  13. Suïcide of suïcidepoging tijdens indexopname of binnen 3 maanden na ontslag.
  14. (Onverwacht) overlijden
  15. Iedere uiting van ontevredenheid over de zorg, al dan niet uitmondend in een juridische claim of klachtprocedure, hetzij overwogen, hetzij feitelijk.
  16. Alle andere ongewenste uitkomsten die hierboven niet worden genoemd.
SAVE: Triggerlijst VVT - voor verpleegkundigen
  1. Blijvende of tijdelijke fysieke schade opgelopen door de cliënt tijdens de indexopname in de instelling
  2. Uiting van agressie en/of ander grensoverschrijdend gedrag van èn naar zichzelf, medecliënten, personeel, anderen of materieel.
  3. Schade als gevolg van gebruik van vrijheidsbeperkende maatregelen tijdens indexopname, zowel fysieke als psychische schade.
  4. Schadelijke en onbedoelde reactie op een geneesmiddel.
  5. Niet-optimale voedingstoestand van de cliënt
  6. Plotseling optredende aandoening waarbij geen analyse plaatsvindt of niet voldoende actie is ondernomen.
  7. Complicaties of infecties zonder tijdige diagnose of actie.
  8. Ongeplande opname elders door verslechtering van de cliënt.
  9. Niet passend verlof of ontslag.
  10. Iedere aanduiding voor weigering van zorg door de cliënt, waardoor complicaties in de zorgverlener – cliënt relatie kunnen optreden. Dit is alleen van toepassing voor somatische verpleeg- of verzorgingshuizen, en niet voor psychogeriatrische verpleeghuizen.
  11. Complicaties in de zorgverlener – cliënt (vertegenwoordiger) relatie
  12. Onverwacht overlijden.
  13. Afwezigheid van een zorgleefplan, inclusief, persoonlijke prioriteiten en/ of een tijdige evaluatie daarvan.
  14. Alle andere ongewenste uitkomsten die hierboven niet worden genoemd en die niet in overeenstemming zijn met het zorgleefplan van de cliënt.
SAVE: Triggerlijst ziekenhuizen - voor verpleegkundigen
  1. Patiënt was reeds eerder (<12 maanden) opgenomen om reden(en) gerelateerd aan de index opname.
  2. (Aanvankelijk) onbedoelde opname binnen 12 maanden na ontslag van index opname, niet van toepassing bij beoordeling van dossiers van overleden patiënten
  3. Blijvende of tijdelijke schade opgelopen tijdens index ziekenhuisverblijf
  4. Een schadelijke en onbedoelde reactie op een geneesmiddel
  5. (Aanvankelijk) onbedoelde overplaatsing van algemene afdeling naar de  intensive care (inclusief hartbewaking)
  6. (Aanvankelijk) onbedoelde overplaatsing naar een ander ziekenhuis na onverwachte verslechtering van de patiënt
  7. (Aanvankelijk) onbedoelde (her-)operatie
  8. (Aanvankelijk) onbedoelde verwijdering, beschadiging of herstel van een orgaan of weefsel tijdens een operatie, invasieve handeling of vaginale bevalling
  9. Infectie/sepsis tijdens het index ziekenhuisverblijf (exclusief infecties/sepsis opgetreden binnen 72 uur na opname)
  10. (Andere) complicaties, bijvoorbeeld acuut hartinfarct, TIA, CVA, longembolie enz. (behelst elke onverwachte complicatie die niet een natuurlijk gevolg is van de ziekte van de patiënt of een verwachte uitkomst van de behandeling).
  11. Neurologische afwijking ontstaan tijdens index opname (behelst neurologische afwijkingen gerelateerd aan ingrepen, behandelingen of onderzoeken).\
  12. (Aanvankelijk) onverwacht overlijden (geen sprake van opname voor palliatieve zorg), niet van toepassing bij beoordeling van dossiers van ontslagen patiënten
  13. Hart-/ademstilstand (en reanimatie succesvol)
  14. Schade gerelateerd aan abortus, natuurlijke bevalling of kunstverlossing (schade betreft de vrouw en/of het kind)
  15. Niet passend ontslag naar huis/inadequate ontslag planning bij index opname (“medisch onverantwoord ontslag”), niet van toepassing bij beoordeling van dossiers van overleden patiënten.
  16. Ontevredenheid over de zorg gedocumenteerd in de dossiers en/of aanwijzingen voor ingediende klachten (inclusief gedocumenteerde klachten, conflicten tussen patiënt/familie en staf, ontslag tegen medisch advies in)
  17. Documentatie of correspondentie duidend op een juridische claim of klachtprocedure, hetzij overwogen, hetzij feitelijk
  18. Alle andere ongewenste uitkomsten die hierboven niet worden genoemd

Op basis van de triggerlijst voor ziekenhuizen is voor de GGZ een specifieke triggerlijst ontwikkeld (Peeters e.a., 2009). Op basis van de bestaande lijsten voor ziekenhuizen en de GGZ is voor de VVT een aanzet tot een sectorspecifieke triggerlijstgemaakt in samenwerking met de hoogleraar Verpleeghuisgeneeskunde van het VUmc en verschillende specialisten ouderengeneeskunde. De huidige triggerlijst is bovendien het resultaat van ervaringen en suggesties van twee deelnemende VVT instellingen. De EMGO/Nivel-methode voor dossieronderzoek wordt gebruikt bij zowel de Landelijke monitor Zorggerelateerde Schade (Langelaan e.a. 2010 en 2013) als voor intern dossieronderzoek in individuele ziekenhuizen.

Wat: kwaliteit dossiers beoordelen

Daarnaast wordt gekeken naar de kwaliteit van dossiervoering. Hiermee wordt bedoeld of het dossier voldoende informatie geeft over de patiënt en de geleverde zorg.

Hoe: training verpleegkundigen

Om de dossiers goed te kunnen beoordelen, dienen de verpleegkundigen eerst een training te volgen. Dit houdt in dat een ervaren trainer twee keer een halve dag naar de instelling komt om de verpleegkundigen te laten oefenen met dossiers uit hun eigen instelling.

In twee dagdelen worden verpleegkundigen door een ervaren trainer getraind in het uitvoeren van dossieronderzoek.

Onderdelen training

Voorbereiding: ter voorbereiding op de eerste training is het belangrijk dat ze de handleiding doornemen en de triggerlijsten bekijken.

Eerste training: Tijdens de eerste training wordt de methodiek uitgelegd en wordt aan de hand van verschillende casussen geoefend. Hierbij is het belangrijk dat de verpleegkundigen op dezelfde manier leren hoe de triggerlijsten worden toegepast.

Tweede training: Na de eerste training gaan ze aan de slag met 5 dossiers die in de tweede training worden besproken. Na de tweede training zijn de verpleegkundigen in staat om zelf gestructureerd dossieronderzoek uit te voeren volgens de EMGO/Nivel methode. De inhoud van de training is ontwikkeld voor GGZ, VVT en ziekenhuizen. Voor meer informatie kunt u contact met ons opnemen.

De training van verpleegkundigen kan goed gecombineerd worden met de training van artsen.

Gebruik elektronische invoerprogramma PATSAF

Tijdens het dossieronderzoek kunnen de bevindingen worden ingevoerd op papieren formulieren of in het elektronische invoerprogramma PATSAF. Het gebruik van PATSAF maakt de dataverzameling efficiënter en verhoogt de kwaliteit van de data omdat er geen tussenpersoon nodig is die de data invoert en daarbij mogelijk typefouten maakt. Tijdens de trainingen kan hier ook aandacht aan besteed worden.

Wat is PATSAF?

De PATSAF database is een beveiligde internet applicatie voor het onderhouden van (klinische) informatie die verzameld wordt door het doen van dossieronderzoek. De database is zodanig beveiligd de gebruikers persoonlijke toegangscodes krijgen en dat een instelling alleen diens eigen gegevens kan inzien. Uit de database kunnen instellingen zelf overzichten en rapporten maken. Bekijk de handleiding dossieronderzoek en handleiding rapporteren.

Verpleegkundigen die na verloop van tijd ook willen deelnemen aan dossieronderzoek kunnen intern door de getrainde verpleegkundigen zelf worden opgeleid. Op verzoek van de instelling kan de trainer nog eens terug komen om de puntjes op de “i” te zetten.

Voor meer informatie kunt u contact met ons opnemen.
 

Wagner, C. SAVE Stap 1 - Dossieronderzoek 1e fase - verpleegkundigen. Uit: www.nivel.nl [Laatst gewijzigd op 10-04-2024; geraadpleegd op 24-05-2024]. URL: https://www.nivel.nl/nl/onderzoeksprogrammas/organisatie-en-kwaliteit-zorg/dossier-patientveiligheid/monitoren-patientveiligheid-2013-2014/save-patientveilgheidsinterventie/stap-1