Huisartsen nemen lang niet altijd een urinekweek af bij patiënten die dit volgens de NHG-richtlijn wel zouden moeten krijgen
Nieuws
14-04-2022

Huisartsen nemen lang niet altijd een urinekweek af bij patiënten die dit volgens de NHG-richtlijn wel zouden moeten krijgen

De richtlijnen van het Nederlands Huisartsen Genootschap (NHG) geven aan dat huisartsen voor bepaalde groepen patiënten met urineweginfecties standaard een urinekweek dienen uit te voeren, om zodoende de verwekker van de infectie te identificeren, de resistentie te bepalen en de juiste behandeling te kiezen. Dit geldt onder andere voor mannen met een urineweginfectie en mannen en vrouwen met een nierbekkenontsteking. In praktijk wordt deze richtlijn slechts in de helft van de gevallen gevolgd, waardoor ook in de helft van de gevallen de urinekweek uitblijft. Dit blijkt uit onderzoek van het Nivel en Zorginstituut Nederland, dat is uitgevoerd binnen de Onderzoekswerkplaats ‘Routine zorgdata voor passende zorg’.

In de NHG-standaard ‘Urineweginfecties’ wordt geadviseerd om een urinekweek aan te vragen bij onder andere mannen met een urineweginfectie, mannen en vrouwen met nierbekkenontsteking en mannen met prostaatontsteking. Uit eerder onderzoek en uit de praktijk zijn er signalen gekomen dat bij deze groepen patiënten niet altijd een kweek wordt uitgevoerd. Het niet-uitvoeren van een kweek bij deze groepen, om zodoende de infectieverwekker te identificeren en de resistentie te bepalen, is niet conform de NHG-standaard. Dit is zorgelijk met het oog op het kiezen van de juiste behandeling en het voorkomen van complicaties. Daarom is het van belang in kaart te brengen hoe vaak dit voorkomt.

Urinekweken bij patiënten met urineweginfecties slechts in helft van de benodigde gevallen afgenomen

We hebben onderzocht of er een kweek is uitgevoerd bij de genoemde patiëntgroepen door gegevens uit de elektronische medische dossiers van patiënten, afkomstig van huisartsenpraktijken die deelnemen aan Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn, te koppelen aan de declaratiegegevens van zorgverzekeraars. Van alle mannen met een urineweginfectie bleek bij ongeveer de helft (53%) een urinekweek te zijn uitgevoerd. Ook bij slechts 40% van de mannen en 54% van de vrouwen met nierbekkenontsteking was een urinekweek uitgevoerd. Bovendien valt op te merken dat er veel praktijkvariatie onder de huisartsenpraktijken was in het al dan niet uitvoeren van urinekweken bij deze groepen patiënten.

Verbeterafspraak toegevoegd aan Verbetersignalement Urineweginfecties

Dit project maakt deel uit van de verdiepingsfase van het project Zinnige Zorg voor mensen met infectiezieken – Urineweginfecties. Mede op basis van deze uitkomsten is in het ‘Verbetersignalement Urineweginfecties’ van het Zorginstituut de volgende ‘Verbeterafspraak’ opgenomen:

'Zet vaker een urinekweek in bij patiënten met een verhoogd risico op een gecompliceerd beloop of bij patiënten die tekenen vertonen van weefselinvasie.'

Deze verbeterafspraak is essentieel, bijvoorbeeld omdat een blaasontsteking zich kan uitbreiden tot een urineweginfectie met tekenen van weefselinvasie zoals pyelonefritis, acute prostatitis of zelfs bloedvergiftiging. Ook is bij de risicogroepen de kans groter dat de infectie wordt veroorzaakt door een verwekker die niet gevoelig is voor het eerste-keus-antibioticum. De volgende stap in het Zinnige Zorg-traject is de Implementatiefase. Hierin wordt de voorgestelde verbetering in de zorg gerealiseerd. De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij de zorgpartijen zelf.

Over het onderzoek

We hebben gegevens gebruikt van patiënten die in 2018 gediagnosticeerd zijn met urineweginfectie, acute pyelonefritis of prostatitis. Het onderzoek maakt deel uit van de Onderzoekwerkplaats ‘Routine zorgdata voor passende zorg’ van het Nivel en het Zorginstituut. Binnen deze samenwerking wordt kennis en expertise over de zorg, het zorgstelsel en de aard en bruikbaarheid van routinematig geregistreerde zorgdata bijeengebracht. Daarnaast is er een data-infrastructuur gecreëerd waarmee de anonieme gegevens afkomstig van Nivel Zorgregistraties Eerste Lijn op patiëntniveau kunnen worden gekoppeld aan de declaratiegegevens van zorgverzekeraars, om daarmee vraagstukken rondom passende zorg te beantwoorden.